Dick van den Bosch

Jurist, CEO maar vooral auteur

Dick van den Bosch

Jurist, CEO maar vooral auteur

Interview wijkblad Scheveningen

Buurtgenoot vindt waardering voor manuscript

Dat kent u natuurlijk, buren alleen van gezicht kennen. Soms doet zich de gelegenheid voor en maak je een praatje. In de rij bij de kassa, op het bankje bij de apotheek, dan hoor je wat. Bijvoorbeeld over de buurtgenoot die een schrijver blijkt, een trotse debutant. En daarvan willen we weten.

We ontmoetten al Jan Hoedeman, de schrijver/journalist van het AD die op zo’n aardige manier helpt kennismaken met onze politici, en nu maken we dan kennis met Dick van den Bosch (60), schrijver in de Tweede Haven, debuterend met Het Bali Complot. Het verhaal van Dick is dat van een zelfkritisch man. ‘Laat eerst maar eens een onbekende professional z’n oordeel vellen!’

Een paar decennia geleden schreef hij 2 bundeltjes komische verhalen, want Dick houdt van humor. Hij had scenes uit het dagelijks leven beschreven en daar zijn komische noot aan toegevoegd. Die verhalen gebruikte hij als hij eens ergens het woord moest nemen. Moest er ergens worden gespeecht dan schoof zelfs zijn directeur hem naar voren, ‘Dick, doe jij dat maar’, en mensen die naar hem luisterden als hij de kunst- en cultuurprijs van Zoetermeer opende kwamen navraag doen. Zijn gevoel voor humor werd herkend. Schouderophalend deed hij het, zich nauwelijks bewust dat daar een kracht in school.

Pas toen hij met zijn vrouw naar Bali ging en zoals gewoonlijk de ene na de andere thriller uitlas, en zijn vrouw zei ‘waarom schrijf je zelf geen boek’ kwam het zover. Hij maakte werk van een verhaal dat eruit moest, Het Bali Complot.

Dick vertelt hoe het zich ontwikkelde, hoe hij aan het schrijven sloeg. Hij realiseerde zich dat hij veel te snel naar zijn doel toe schreef, op die manier had hij zijn verhaal in 10 bladzijden verteld. ‘Maar dan heb je geen boek!’ lacht hij. En je voelt hoe hij toen het verhaal moest gaan maken om dat geraamte wat hij had heen, en wat een plezier dat gaf. Dick vertelt dat hij vond dat alles moest kloppen, dat alle bewegingen van de personages in zijn verhaal traceerbaar moesten zijn. En dat hij daarvoor plekken bezocht, locaties, tempels en routes om precies te weten hoe het er ergens uit ziet, wat zijn personages tegen zouden komen, wat voor effect dat had. Een heel werk was dat, en tijdrovend, maar ook leerzaam, interessant.  

De uitgever zei ‘het is eigenlijk ook een rondreis over Bali, is dat bewust gedaan? Voor mensen die houden van Bali zal het boek zeker herkenbaar zijn’ vertelt Dick en hij beschrijft welke soms lugubere rituelen sommige Balinezen hebben die hij ook verwerkte in zijn thriller. ‘Maar ik houd ervan als het goede het overwint op het kwade, en dat is in mijn boek ook zo.’

‘Maar het is geen literatuur hoor, het kan niet in de klas behandeld worden. Maar misschien doe ik mezelf  dan tekort.’ Hij herinnert zich hoe hij op de middelbare school een literatuurlijst moest maken en dat bij een spannend boek de leraar zei doe dat boek maar niet, dat is geen literatuur. Hij denkt dat daarmee minder duidelijk is gebleven wanneer een thriller literatuur is, ‘hoewel je natuurlijk de bouquetreekskwaliteit wel herkent, en dat is dit niet!’

Dick groeide op in Den Haag uit een Hagenese moeder en een vader uit de Beeklaan die hem met het oog op een loopbaanperspectief streng dirigeerde naar een rechtenstudie, terwijl hij zelf liever geschiedenis studeerde. Hij ging als dienstplichtig officier het leger in en daarna maakte hij een lange carrière bij de ondernemersorganisatie EVO waar hij meer dan 15 jaar directeur was.

‘Ik heb er denk ik 7 maanden over gedaan’ vertelt Dick, ‘en toen was het klaar. Dan heb je een boek geschreven. Maar dan vraag je je af is het ook goed, want dat kan ik dan wel vinden!’ Dick wilde het aan een neutrale partij laten lezen, een deskundige in het boekenvak. ‘Je kan je boek zelf uitgeven maar dan heb je nóg niet de mening van een ander. Misschien later eens van een lezer’ vond Dick.  En hoewel hij het aan z’n  vrouw liet lezen, (‘en zij vond het echt heel spannend’) dacht hij  ‘nou OK dan ga ik er nu een uitgever bij zoeken’ en zo stuurde hij z’n manuscript in bij Boekscout.  Het zou 3 weken duren voor hij wat zou horen. ‘En ik stuurde het in, en de volgende dag kreeg ik een telefoontje: ‘uw manuscript is opgevallen, kunt u volgende week komen nou, dat was leuk!’

De uitgever had een leuke setting ingericht als een soort klas met daarin de andere uitgenodigde schrijvers, van een kookboek, een gedichtenbundel…. We kregen een presentatie over de uitgeverijwereld en toen werden tot mijn verbazing  klassikaal de beoordelingen gegeven. Toen dacht ik nog als ze het niets vinden ga ik weg, maar ik kreeg een lovende beoordeling, dat was fantastisch.’

‘En daarna moesten de punten nog op de -i-, want daar komt best nog wat bij kijken, het correctiewerk, de opmaak. En vorige week kwam Het Bali Complot op de markt!’.

‘En dat in het licht van de hoeveelheid manuscripten die uitgevers krijgen,’ bespiegelt Dick, ‘dat is onvoorstelbaar, 20 per dag 7 dagen per week. En in dat aanbod zit maar 7% potentie.’

Dick maakt zich geen illusies. Hij weet dat weliswaar het grootste lezerspubliek voor het spannende boek gaat (en daarna voor de kookboeken) maar dat je toch echt gevonden moet worden als schrijver in een wereld waarin vooral online wordt gekocht.   ‘Maar ik heb als directeur ook een afdeling marketing en communicatie geleid en weet iets van die wereld dus nu ben ik ook heel nieuwsgierig naar hoe die uitgeverijwereld in elkaar zit, en hoe we de markt het best kunnen aanboren.’

Uiteindelijk gaat het Dick meer om de waardering voor wat hij schreef dan om het succes in de zin van oplagecijfers. ‘Ik ben wel nuchter in die dingen, het gaat in die boekenwereld toch om bekendheid. Maar dat zou ik kunnen opbouwen.’

Gevraagd naar wiens waardering voor hem het meest zou betekenen vertelt Dick dat die van zijn broer, een tandarts, zou moeten komen. ‘Die heeft nu werkelijk nóóit een boek gelezen, ik snap dat niet’ lacht hij ‘maar als hij het zou lezen en zijn waardering zou uitspreken zou dat voor mij al een geweldig resultaat zijn! En ik ben nog niet klaar hoor, dit was de eerste!’ en hij vertelt dat hij z’n nieuwe boek, géén thriller, rond de kerst denkt af te hebben. We kijken er naar uit!

Dick van den BoschJurist, CEO maar vooral auteur